Verlof

Zwangerschapsverlof

Zwangerschapsverlof is het verlof dat u opneemt vóór de bevalling. Dit verlof duurt minimaal vier en maximaal zes weken. Voor het bepalen van de precieze data van het zwangerschapsverlof gaat P&O uit van de dag na de uitgerekende bevallingsdatum. Zes weken vóór deze dag gaat uw verlof in; tenzij u hebt aangegeven langer door te willen werken, dan is het vier of vijf weken ervoor. Of u vier, vijf of zes weken verlof neemt voorafgaand aan de bevalling, is uw persoonlijke keuze. U mag zes weken voor de uitgerekende datum met verlof, maar u moet vier weken voor die datum met verlof. Dit is een wettelijke verplichting.

Verlofperiode wijzigen
Op de zwangerschapsverklaring vult u in of u zes, vijf of vier weken van tevoren wilt stoppen met werken. Besluit u op een later moment uw verlofperiode te wijzigen, dan moet u uw leidinggevende hiervan direct op de hoogte stellen. Hij geeft dit door aan P&O die de nieuwe data schriftelijk zowel bij u als uw leidinggevende bevestigt.

Naar boven

Bevallingsverlof

Het bevallingsverlof gaat altijd in op de dag na de bevalling. Afhankelijk van de duur van uw zwangerschapsverlof hebt u recht op tien tot twaalf weken bevallingsverlof, gerekend vanaf de dag na de bevalling. De totale lengte van uw zwangerschaps- en bevallingsverlof is ten minste zestien weken. Bij vier weken zwangerschapsverlof mag u twaalf weken bevallingsverlof opnemen (vier plus twaalf is zestien); bij zes weken zwangerschapsverlof hebt u recht op tien weken bevallingsverlof (zes plus tien is zestien).


Naar boven

Eerder of later bevallen dan uitgerekend

Wat gebeurt er als u eerder of later bevalt dan de uitgerekende datum? In het eerste geval duurt uw totale verlof toch zestien weken. Een voorbeeld: u bevalt twee weken eerder en u had gepland om vier weken zwangerschapsverlof op te nemen. Dan hebt u dus maar twee weken zwangerschapsverlof, met andere woorden: u mist twee weken verlof. Die mag u opnemen als bevallingsverlof, want in de wet is vastgelegd dat het totale verlof ten minste zestien weken bedraagt. Andersom geldt dat wanneer u later bevalt dan de uitgerekende datum, uw verlof langer duurt dan het minimum van zestien weken. Alle dagen tussen de feitelijke bevallingsdatum en de dag na de uitgerekende bevallingsdatum worden opgeteld bij het totaal van zestien weken verlof. Dus uw verlofperiode kan wel langer zijn dan zestien weken, maar nooit korter. U hebt recht op zestien weken verlof. Uw UMC betaalt uw salaris volledig door tijdens deze periode.

Naar boven

Korter verlof en het wettelijk arbeidsverbod

Is het mogelijk korter verlof op te nemen? Ja, dat kan, binnen de wettelijke grenzen. In de wet is vastgelegd dat u rond de bevalling ongeveer tien weken niet mag werken; ook niet als u dat zelf zou willen. De periode is exact omschreven: vanaf 28 dagen (vier weken) voorafgaand aan de dag na de uitgerekende bevallingsdatum tot aan 42 dagen (zes weken) volgend op de dag na de feitelijke bevallingsdatum.

Naar boven

Partners

Werkt uw partner ook in het UMC? Dan heeft hij of zij recht op betaald verlof bij de bevalling en gedurende twee dagen na de bevalling (dit laatste heet kraamverlof). De duur van het verlof bij de bevalling wordt bepaald in overleg met de leidinggevende. Het kraamverlof hoeft niet direct aansluitend op de bevalling te zijn, maar uw partner moet dit verlof wel opnemen binnen vier weken na de bevallingsdatum.

Naar boven

Ouderschapsverlof

Ouderschapsverlof is onbetaald verlof dat u kunt opnemen als u zorgt voor kinderen jonger dan 8 jaar. U dient tenminste één jaar in dienst te zijn van het UMC. Uitgezonderd van deelname zijn medewerkers met een 0-uren aanstelling.

Omvang
De omvang van het verlof is afhankelijk van het dienstverband en kunt u als volgt uitrekenen:

  • werktijd op jaarbasis op het moment van de aanvraag gedeeld door 2 = maximum aantal uren ouderschapsverlof, of;
  • gemiddelde werktijd per week op het moment van de aanvraag * 26 = maximum aantal uren ouderschapsverlof.

Opnemen
Het ouderschapsverlof mag u op verschillende manieren invullen. De hoofdregel is dat het verlof per week wordt opgenomen gedurende een aaneengesloten periode van ten hoogste 12 maanden. Daarbij bedraagt het aantal uur per week ten hoogste de helft van uw arbeidsduur per week. U kunt uw leidinggevende ook verzoeken om:

  • het verlof op te nemen in een langere periode dan 12 maanden;
  • het verlof op te delen in ten hoogste zes perioden waarbij iedere periode minimaal 1 maand bedraagt of;
  • meer uren verlof per week dan de helft van de arbeidsduur. U kunt bijvoorbeeld voltijdsverlof opnemen. Dit verzoek kan worden afgewezen indien een zwaarwegend dienstbelang zich hiertegen verzet.

U meldt het voornemen om verlof op te nemen ten minste twee maanden voor de ingangsdatum aan uw leidinggevende. De precieze, wettelijke, omschrijving van ouderschapsverlof vindt u hier. Informeer bij P&O naar de mogelijkheden in uw UMC.

Naar boven
Terug naar overzicht