Arbocatalogus gevaarlijke stoffen

1. Wat is een Arbocatalogus?

Uw umc heeft samen met de andere umc's en de werknemersorganisaties verschillende Arbocatalogie samengesteld. Een Arbocatalogus beschrijft maatregelen voor de belangrijkste Arbo risico's in de umc's, waaronder Gevaarlijke stoffen. Doel is veilig en gezond werken.

Met de Arbocatalogus geven de umc's zelf invulling aan de globale voorschriften die de overheid stelt. Als u precies wilt weten of een voorschrift over Gevaarlijke stoffen bijvoorbeeld een good practice is of ingegeven is door een wettelijke norm, dan kunt u dit terugvinden in de formele Arbocatalogus tekst.

U kunt de complete tekst van de Arbocatalogus Gevaarlijke stoffen als pdf downloaden.

Naar boven

2. Inleiding Arbocatalogus

In het document Inleiding Arbocatalogus staan de definities van de onderwerpen en de voorschriften die beschreven moeten zijn in een Arbocatalogus. De umc’s hebben besloten dat een deelcatalogus de volgende onderstaande onderwerpen zal beschrijven.

Het risico, de doelgroepen, het wettelijk kader en de werkwijze, het ambitieniveau van de umc’s, de maatregelen en middelen in de umc’s, de producten die gebruikt kunnen worden, de gewenste ontwikkelingen, het actueel houden van de Arbocatalogus en tenslotte de bijlagen.

U kunt de complete tekst van de Inleiding Arbocatalogus als pdf downloaden.

Naar boven

3. Het risico

In de ziekenhuizen wordt veel gebruik gemaakt van gevaarlijke stoffen(1) waar medewerkers aan blootgesteld kunnen worden. Deze blootstelling kan direct letsel veroorzaken of op lange termijn gezondheidsschade te weeg brengen.

Veel regelgeving is gericht op het werken met een beperkt aantal gevaarlijke stoffen. Vaak worden deze stoffen gebruikt in grote hoeveelheden. In de umc’s is het risico van gevaarlijke stoffen vooral gebaseerd op een grote verscheidenheid aan stoffen in juist kleine hoeveelheden. Naast ontplofbaar en ontvlambaar hebben deze stoffen soms kankerverwekkende, mutagene, reprotoxische of extreem toxische eigenschappen. Elke medewerker moet zich daarom realiseren wat de gevaren zijn van de stoffen waarmee men in aanraking kan komen.

De ontwikkeling van een umc specifieke databank gevaarlijke stoffen met veiligheidsinformatie van meer dan 5000 stoffen is daarom een belangrijke stap geweest in het Arboconvenant. De databank past zeer goed in de informatievoorziening over de risico’s van gevaarlijke stoffen die gebruikt worden in de umc’s. De opgestelde richtlijn 'Veilig werken met gevaarlijke stoffen' (2) geeft de algemene voorwaarden aan waaronder medewerkers met gevaarlijke stoffen in het umc mogen werken en welke maatregelen het management hoort te treffen.

(1) Het werken met geneesmiddelen valt buiten de scope van dit hoofdstuk van de arbocatalogus.

(2) De richtlijn is geactualiseerd en gedigitaliseerd verwerkt op de website Dokterhoe.nl.

Naar boven

4. De doelgroepen

De databank gevaarlijke stoffen, de richtlijn veilig werken met gevaarlijke stoffen en de voorlichtingsproducten zijn ontwikkeld voor de volgende doelgroepen:

  • De leidinggevenden (het lijnmanagement);
  • De medewerkers (van de laboratoria, de zorg, de facilitaire diensten);
  • De arboprofessionals (waaronder ook preventiemedewerkers en BHV);
  • De studenten en derden(1) die werkzaam zijn binnen een umc.

(1) Voor externe werknemers (derden) is van belang of ze toegang hebben tot deze arbocatalogus. Is dat niet het geval (ingeval van korte contracten of taalbarrières), dan dienen uitzendende en inlenende partij onderling afspraken te maken over de zorgplicht bij de omgang met gevaarlijke stoffen.

De richtlijn en voorlichtingsproducten zijn geactualiseerd en gedigitaliseerd verwerkt op de website Dokterhoe.nl.

Naar boven

5. Het wettelijke kader

In het Arbobesluit, met name hoofdstuk 4, (zie bijlage) is omschreven hoe om te gaan met gevaarlijke stoffen in het algemeen en met kankerverwekkende, mutagene en reprotoxische stoffen in het bijzonder. Deze bepalingen hebben onder meer betrekking op de onderstaande onderwerpen:

  • De zorgplicht van de werkgever;
  • Met name de specifieke aandacht voor de risico-inventarisatie en -evaluatie waarin de gevaarlijke stoffen benoemd moeten worden;
  • De grenswaarden;
  • Voor zover beschikbaar zijn deze opgenomen in een ministeriële regeling;
  • Het beperken van de blootstelling door het treffen van maatregelen;
  • Het één en ander in overeenstemming met de stand van de wetenschap en techniek en de arbeidshygiënische strategie;
  • Hygiënische maatregelen;
  • Speciale groepen medewerkers, bijvoorbeeld zwangere vrouwen;
  • Medisch onderzoek;
  • Voorlichting en onderricht.
Naar boven

6. Het ambitieniveau

Medewerkers van de umc’s die met gevaarlijke stoffen werken of hiermee in aanraking kunnen komen zijn zich daarvan bewust. Zij kunnen het volgende nagaan:

1. Aan welke stoffen zij worden blootgesteld;

2. Wat de risico’s zijn van deze stoffen;

3. Welke maatregelen genomen moeten worden om blootstelling aan deze stoffen te voorkomen dan wel de schade bij blootstelling zo veel mogelijk te beperken.

Toelichting
De bewustwording dat de medewerker met gevaarlijke stoffen werkt, willen de umc’s bereiken door de voorlichtingsproducten uit het Arboconvenant blijvend onder de aandacht te brengen bij de doelgroepen zoals genoemd onder 2. (in de Arbocatalogus).

Naar boven

7. Maatregelen en middelen umc's

De belangrijkste maatregelen en middelen om de ambities en wettelijke doelvoorschriften te realiseren zijn:

1. Procesvoorschriften

Alle umc’s hebben een beleid hoe veilig om te gaan met gevaarlijke stoffen. Onderdelen daarvan zijn:

  • Een informatiesysteem voor gevaarlijke stoffen;
  • Een register voor gevaarlijke stoffen;
  • Voorlichting en instructie voor (nieuwe) medewerkers over het veilig werken met gevaarlijke stoffen*.

* Het umc draagt er zorg voor dat met externe bedrijven afspraken worden gemaakt over de voorlichting en instructie van hun medewerkers over het veilig werken met gevaarlijke stoffen.

2. Middelvoorschriften

  1. Elk umc heeft een register met daarin opgenomen de gevaarlijke stoffen uit het desbetreffende umc. Elk umc bepaalt zelf op welke wijze de registratie gevaarlijke stoffen wordt gerealiseerd. Naast de naam en de identificatiegegevens van een stof wordt in elk geval ook de bestellende afdeling vermeld. Van een stof zijn de globaal aanwezige hoeveelheden bekend;
  2. De medewerkers uit alle umc’s beschikken over dezelfde, gevalideerde veiligheidsinformatie van de aanwezige gevaarlijke stoffen. Het gezamenlijke informatiesysteem wordt gerealiseerd door gebruik te maken van een centrale databank voor gevaarlijke stoffen waarin een groot aantal stoffen is opgenomen die in de acht umc’s gebruikt worden. De databank wordt 2x per jaar ge-update. De presentatie van deze gegevens kan op twee manieren worden gerealiseerd. Door middel van het document distributiesysteem, het DDS, dat voor alle medewerkers via het internet te benaderen is en/of via een lokaal registratiesysteem gevaarlijke stoffen;
  3. De maatregelen zoals beschreven in de richtlijn 'Veilig werken met gevaarlijke stoffen voor leidinggevenden' worden in elk umc ingevoerd. Hiermee wordt geborgd dat het management zich bewust is welke maatregelen zij moet nemen als er met gevaarlijke stoffen wordt gewerkt;
  4. De databank is ook voor studenten en gastmedewerkers beschikbaar;
  5. Bij het gevaarlijke stoffenbeleid gebruiken de umc’s de richtlijn 'Veilig werken met gevaarlijke stoffen voor leidinggevenden' om de veiligheidsvoorschriften bij het lijnmanagement en de medewerkers bekend te maken;
  6. De umc’s maken bij voorlichtings-en instructieprogramma’s gebruik van de voorlichtingsproducten uit het arboconvenant of van gelijkwaardige producten.

3. Good practices

  • De werkplekinstructiekaarten (Wik’n) gelden als maatwerkinstructie bij het omgaan met gevaarlijke stoffen. Deze kaarten zijn toegespitst op de werksituatie in laboratoria, op de verpleegafdelingen en bij de facilitaire diensten. Zij zijn beschikbaar zowel in het Nederlands als in het Engels;
  • De 'Checklist leidinggevenden' helpt om te borgen dat de maatregelen worden genomen.
Naar boven

8. Producten

De volgende producten, ontwikkeld vanuit het Arboconvenant zijn beschikbaar:

  • De NFU databank gevaarlijke stoffen met gevalideerde veiligheidsinformatiebladen en werkplekinstructiekaarten in twee talen;
  • De Cd-Rom met stoffendata van de databank voor koppeling met een registratiesysteem;
  • De internetsite met het Document Distributie Systeem (DDS);
  • De checklist voor leidinggevenden;
  • Vraag en antwoordklapper, versie zorgeditie;
  • Vraag en antwoordklapper, versie facilitaire dienst;
  • Vraag en antwoordklapper, versie laboratoriumeditie;
  • De poster met gevaarsymbolen en R- en S-zinnen;
  • Het borstzakkaartje.

Opmerking:
De vraag en antwoordklappers zijn samengevoegd en worden digitaal weergegeven.
Zie de sectie: Wat kunt u zelf doen / Veel gestelde vragen.

De poster met gevaarsymbolen en R- en S-zinnen is herzien. De poster is opnieuw uitgegeven in een Nederlandse en Engelse versie met gevarenpictogrammen, H- en P-zinnen.

Naar boven

9. Bijlagen

Met het register en de databank kunnen de umc’s voldoen aan de volgende verplichtingen uit het Arbobesluit:

  • Artikel 4.2 lid 2
  • Artikel 4.2 lid 5a
  • Artikel 4.2 lid 1
  • Artikel. 4.2 lid 5b
  • Artikel. 4.2a lid a
  • Artikel. 4.13 lid b

Gebruikte afkortingen:

  • UMC Universitair medisch centrum
  • BHV Bedrijfshulpverlening
  • DDS Document distributie systeem
  • NFU Nederlandse Federatie van Universitair Medische Centra
  • Wik Werkplekinstructiekaart
  • R-zin Risk zin (waarschuwingszin risico)
  • S-zin Safety zin (veiligheidsaanbeveling)
  • GHS Globally Harmonized System
  • SZW Sociale Zaken en Werkgelegenheid (Ministerie)
  • CMR Carcinogene, mutagene en reprotoxische stoffen
  • RI&E Risico inventarisatie en evaluatie
  • LOAZ Landelijk Overleg Academische Ziekenhuizen

U kunt de complete tekst van de bijlage van de Arbocatalogus Gevaarlijke stoffen als pdf downloaden.

Naar boven
Terug naar overzicht

Lees meer over

Om deze content te kunnen bekijken is de Adobe Flash plugin vereist.