Veilig werken

1. Welke hoeveelheid aan gevaarlijke stoffen mag ik op de werkplek opslaan?

Het bewaren van een werkvoorraad op de werkplek is toegestaan, maar dit mogen geen grote hoeveelheden zijn. Bij regelgeving ( PGS 15) wordt per ruimte een maximum van 25 kg of liter gevaarlijke stoffen aangehouden. Voor brandbare vloeistoffen in bewerking of als afval wordt 1 liter per m2 vloeroppervlak aangehouden. Overschrijdt u deze hoeveelheid, dan is opslag in een geventileerde veiligheidskast noodzakelijk. Gebruik voor de werkvoorraad in elk geval altijd een zo klein mogelijk volume.

Naar boven

2. Mag ik alleen in een ruimte werken waar zich gevaarlijke stoffen bevinden?

Ja, onder bepaalde voorwaarden. Het is geen bezwaar als de werkzaamheden zodanig zijn dat er geen ongeval is te verwachten waarbij direct door een ander hulp geboden moet worden. Werkt u alleen dan moet u wel via de telefoon of via een ander alarm hulp kunnen inroepen. Als u lange tijd alleen werkt, is het verstandig een collega, de portier of een beveiligingsmedewerker in geval van een avond- of nachtdienst hiervan op de hoogte te brengen. Zij kunnen dan regelmatig controleren of alles goed gaat.


Naar boven

3. Mag ik een werkblad desinfecteren door te sprayen met alcohol 70%?

Nee, door te sprayen ontstaat een fijne mist en krijgt u een zeer grote verdamping van de alcohol. Hierdoor kan de grenswaarde ( maximale toegestane concentratie van een stof in de individuele ademhalingszone van een werknemer ) overschreden worden. In dat geval ontstaat er kans op schadelijke gezondheidseffecten of kan de onderste explosiegrens worden overschreden. Door met een vochtige doek de alcohol over het werkblad te verspreiden, wordt de kans hierop veel minder. Blijf ook altijd alert op ontstekingsbronnen bij het gebruik van alcohol.

Kijk eens naar het filmpje over alcohol sprayen in het onderdeel Good practices.

Er is al eens een ruimte ontploft door sprayen met alcohol terwijl de gasbrander nog aanstond. Ook voor andere stoffen geldt dat door sprayen een hoge concentratie in de omgevingslucht kan komen. Sprayen wordt daarom zoveel mogelijk afgeraden.

Naar boven

4. Mag ik brandbare stoffen in mijn werkplaats bewaren?

Ja, maar alleen als u ze in een brandveiligheidskast plaatst. Een brandveiligheidskast heeft namelijk een brandvertragende werking en is daarom geschikt voor het opslaan van brandbare stoffen.

Naar boven

5. Kan ik water aan een concentraat toevoegen?

Of is het beter om het concentraat aan het water toe te voegen? Bekende ezelsbruggetjes zijn: ‘water bij zuur betaal je duur’ en ‘water bij zuur geeft vuur’.

Een gevaarlijk stof met een sterk zuur karakter moet u altijd bij voldoende water voegen, nooit andersom.

Het is verstandig de regel ook aan te houden voor andere gevaarlijke stoffen. Zorg voor voldoende water en voeg daar, in kleine hoeveelheden per keer, het concentraat bij.


Naar boven

6. Mag ik reinigen met een sterk schoonmaakmiddel en vervolgens met chloor?

Ja, maar na de reiniging met het ene middel moet u spoelen met voldoende water voordat u gaat reinigen met het andere.

Het mag ook omgekeerd, eerst reinigen met chloor en vervolgens met een sterk schoonmaakmiddel. Maar ook hier geldt eerst spoelen met voldoende water voordat het andere middel wordt gebruikt.

Naar boven

7. Mag ik schoonmaakmiddelen mengen?

Nee, het is niet verstandig om schoonmaakmiddelen te mengen. In bedrijfsprocessen wordt gebruik gemaakt van geconcentreerde en krachtige middelen waarvan niet altijd alle componenten bekend zijn. Het mengen van verschillende middelen kan tot zeer ongewenste reacties leiden.

Naar boven

8. Waar vind ik informatie over de persoonlijke beschermingsmiddelen?

Het veiligheidsinformatieblad (VIB) van een product geeft informatie over persoonlijke beschermingsmiddelen. Is onduidelijk welk beschermingsmiddel u dient te gebruiken neem dan contact op met uw Arbodienst. In het lokale registratiesysteem gevaarlijke stoffen en de daaraan gekoppelde NFU databank gevaarlijke stoffen is deze informatie ook te vinden. U bent overigens verplicht persoonlijke beschermingsmiddelen te dragen als dat vanwege de risico’s is voorgeschreven.

Naar boven

9. Moet ik persoonlijke beschermingsmiddelen dragen bij wasmiddelen?

Ja, voor wasmachines in de umc’s gebruikt men namelijk geconcentreerde middelen tijdens het reinigingsproces. De geconcentreerde middelen bestaan uit zuur en loog. Als u wasmiddelen moet overschenken of vaten moet aankoppelen, draag dan een bril en geschikte handschoenen.


Naar boven

10. Ben ik verplicht Persoonlijke Beschermings Middelen te dragen?

Ja, u bent verplicht de persoonlijke beschermingsmiddelen te dragen. Als er risico’s aan bepaalde handelingen verbonden zijn, waarbij het dragen van Persoonlijke Beschermings Middelen (PBM) noodzakelijk is. De werkgever dient de juiste PBM’s aan te schaffen en voorlichting te geven over het gebruik ervan.


Naar boven

11. Ik heb een gewone bril, moet ik dan nog een veiligheidsbril opzetten?

Nee, niet altijd. Een normale bril van voldoende groot oppervlakte – eventueel aangevuld met een beschermkapje voor de zijkanten – voldoet bij het eenvoudige handwerk. Bij apparatuur met vloeistof onder druk kunnen gevaarlijke stoffen echter met meer kracht en volume in uw gezicht worden gespoten en is een speciale veiligheidsbril wel noodzakelijk. Er zijn speciale overzetveiligheidsbrillen te koop voor brildragende medewerkers. Soms kunnen veiligheidsbrillen op sterkte worden aangemeten.


Naar boven

12. Moet ik bij het uitvullen een kleinere verpakking PBM’s gebruiken?

Ja, gebruik minimaal een bril of gelaatscherm en geschikte handschoenen. Afhankelijk van de soort gevaarlijke stof is een geschikt (kunststof)schort en geschikt schoeisel belangrijk. Bij grote hoeveelheden is zelfs adembescherming nodig en moet aarding aanwezig zijn om statische ontlading te voorkomen. Bovendien mag u grote hoeveelheden alleen uitvullen in een ruimte die geschikt en ingericht is voor het uitvullen.


Naar boven

13. Kan ik bij alle gevaarlijke stoffen dezelfde handschoenen gebruiken?

Nee, niet altijd. Er zijn vele soorten handschoenen. Het type handschoen dat u moet gebruiken, is afhankelijk van de werkzaamheden en de soort gevaarlijke stof.

Op een zorgafdeling kan als bescherming tegen blootstelling aan gevaarlijke stoffen gebruik worden gemaakt van wegwerphandschoenen (poedervrij / latexvrij of latexarm). Zie de foto. Bij de keuze van het soort wegwerphandschoen is de eigenschap van de gevaarlijke stof bepalend.

Kortdurende werkzaamheden
Bij kortdurende werkzaamheden geven wegwerphandschoenen bescherming tegen de blootstelling van chemicaliën. Zijn ze van nitril, dan zijn ze goed tot redelijk bestand tegen de meeste chemicaliën en geven geen latexallergie. Voor een wegwerphandschoen geldt altijd dat u na een contact de handschoen direct moet vervangen en weggooien.

Langdurende werkzaamheden
Bij werkzaamheden waarbij een langdurige blootstelling aan gevaarlijke stoffen aan de handen aanwezig is moet u een speciale veiligheidshandschoen gebruiken die bestand is tegen de chemische stof. Zo zijn er handschoenen bestemd voor het werken met sterke en minder sterke zuren, logen, droogijs, vloeibare stikstof, bloedproducten en zelfs oliën en vetten. Deze speciale zware handschoenen kunt u na reiniging opnieuw gebruiken.

Nb.: Brillen, zware schorten, gelaatschermen en adembeschermers kunt u na reiniging ook opnieuw gebruiken. Neus- en mondmaskers of filterbussen daarentegen kunt u maar éénmalig gebruiken.


Naar boven

14. Moet op de deur van ons lab een waarschuwingsbord?

Hierbij geldt het plaatselijke ziekenhuisbeleid. De meeste laboratoria in ziekenhuizen zijn geen chemische laboratoria waar met grote hoeveelheden brandgevaarlijke of toxische stoffen wordt gewerkt. In ieder geval moet binnen het laboratorium de bergplaats van deze gevaarlijke stoffen goed zijn aangemerkt met een waarschuwingsbord.

Op een brandveiligheidskast moet een vlampictogram staan. De specifieke laboratoria, zoals een radionucliden, GGO ML-II of ML-III, microbiologisch waar gekweekt wordt met categorie 2 en 3 biologische agentia, moeten in ieder geval voorzien zijn van het daarvoor bestemde waarschuwingsborden op de toegangsdeur.


Naar boven

15. Mag ik mijn gevaarlijke stoffen in de zuurkast laten staan?

Nee, meestal niet. Een zuurkast is géén opslagplaats voor gevaarlijke stoffen. Door het plaatsen van voorwerpen in de zuurkast kan de luchtstroom zo veranderen dat de beschermende werking van een zuurkast teniet wordt gedaan.

Als u in een zuurkast dagelijks enkele gevaarlijke stoffen gebruikt, mag u deze beperkte werkvoorraad in de zuurkast van het laboratorium laten staan. U moet wel de risicoafweging maken tussen het dagelijks heen en weer brengen van de flessen naar de veiligheidskast en het laten staan in de zuurkast.

Staat de veiligheidskast in de onmiddellijke nabijheid, dan kunt u besluiten de flessen daarin op te slaan. Voorkom dat de luchtstroom over het werkblad van de zuurkast wordt geblokkeerd door het materiaal die in de kast worden geplaatst. Plaats flessen op een opzetbankje of een standaard waar de lucht door kan stromen.


Naar boven

16. Mag ik 1 M NaOH en 1 M HCl naast elkaar bij de pH-meter bewaren?

Ja, alleen bij voorraadopslag moeten de zuren en logen gescheiden van elkaar in lekbakken worden geplaatst. Het is verstandig wankele maatkolfjes toch in een bakje te plaatsen om omvallen en lekkage te voorkomen.

Naar boven

17. Kan ik zien of een zuurkast goed werkt?

Ja, meestal hebben zuurkasten een controlelampje dat aangeeft of de afzuigmotor functioneert. Laat daarom een kapot lampje van een zuurkast direct vervangen.

Soms zijn kasten uitgerust met een onderdrukmeter. Een vaantje geplaatst bij het achterste stromingsschot of een tissue bij de raamopening kan aangeven of de kast nog werkt.

Een (te volle) opstelling in de kast (bijvoorbeeld door afvalvaatjes) kan de werking behoorlijk beïnvloeden. Of de kast dan nog steeds goed werkt, kunt u controleren met luchtdoorstroommetingen in de raamopening op diverse plaatsen of met rookproeven. Blijft er ernstige twijfel over de goede werking, dan kan een professionele meting uitsluitsel geven.

Naar boven

18. Mag ik alleen op het lab werken?

Ja, onder bepaalde voorwaarden. Het is geen bezwaar als de werkzaamheden zodanig zijn dat u geen ongeval kunt verwachten waarbij direct door een ander hulp geboden moet worden. Werkt u alleen, dan moet u wel via de telefoon of via een ander alarm hulp kunnen inroepen.

Als u lange tijd alleen werkt, is het verstandig uw collega of bij avond- of nachtdienst de portier/beveiliging hiervan op de hoogte te brengen. Zij kunnen dan regelmatig controleren of alles goed gaat. Ga niet in een koel- of vriescel werken als deze geen tijdbeveiligingsalarm heeft.

Is een alarm aanwezig dan moet er een collega zijn die op het alarm kan reageren.

Er kunnen persoonlijke omstandigheden zijn die het onverstandig maken om lang alleen te werken, denk bijvoorbeeld aan een diabeet die onwel kan worden door een hypoglycaemie.


Naar boven

19. Mag ik zelf een arbeidsgezondheidskundig onderzoek aanvragen?

Ja, een PMO (preventief medisch onderzoek) wordt u in principe aangeboden als u voor het eerst met gevaarlijke stoffen gaat werken en wanneer uit de risico-inventarisatie is gebleken dat u ook blootgesteld wordt aan deze gezondheidsschadelijke stoffen (zoals analisten die TBC-kweken uitvoeren). Ook als zich bij uzelf of uw collega een aandoening aandient die het gevolg zou kunnen zijn van het werken met gevaarlijke stoffen, mag u een PMO aanvragen.

Naar boven

20. Heeft een arbeidsgezondheidskundig onderzoek altijd zin?

Nee, in geval van gevaarlijke stoffen niet altijd.

Er zijn enkele criteria voor het uitvoeren van een gezondheidskundig onderzoek. Daarom is het soms niet zinvol om deze te laten uitvoeren in geval van:

Specificiteit
Er moet een medisch onderzoek beschikbaar zijn dat specifiek is voor het bedoelde risico en dat een voorspellende waarde heeft.

Relevantie
De resultaten van het onderzoek moeten relevant zijn en tot consequenties leiden.

Subsidiariteit
Als er andere of betere middelen zijn om hetzelfde doel te bereiken, dan dienen deze te worden ingezet.

Proportionaliteit
De kosten (materieel en immaterieel) voor de werknemer en het bedrijf dienen in redelijke verhouding te staan tot het beoogde doel.

Naar boven

21. Mag de toegangsdeur van een lab open staan?

Nee, in principe niet. In laboratoria is de luchthuishouding zo ingesteld dat lucht in de ruimte een aantal maal per uur wordt ververst. De laboratoriumruimte blijft daarbij in onderdruk ten opzichte van de gang. Als de deur open blijft staan vervalt de onderdruk en verspreiden dampen en geuren zich uit het lab naar de omringende gangen.

Door kortsluiting van luchtstromen wordt ook de luchtverversing van de laboratoriumruimte aangetast. Deuren vormen ook een onderdeel van de brandwerendheid van een ruimte en moeten daarom gesloten blijven. Voor radionucliden- en GGO-laboratoria is het verboden de deuren open te laten.

Naar boven

22. Bepaalt de grenswaarde of het werken met een stof gevaarlijk is?

Ja, maar ten dele. De wettelijke grenswaarde en de bestuurlijke grenswaarde van een oplosmiddel geven aan welke concentratie nog toegestaan of aanvaard is. Een stof met een lage grenswaarde, zoals chloroform (5 mg/m3 ) is gevaarlijker dan ethanol (1000 mg/m3).

Of de grenswaarde bij werkzaamheden wordt bereikt, hangt sterk af van de mate van verdamping van het oplosmiddel. Naast het soort handeling is de dampspanning (P) hiervoor maatgevend. Werken met ether (met een P van 587 mbar) zal veel sneller een overschrijding van de grenswaarde (308 mg/m3) veroorzaken dan werken met xyleen met een P van 8 mbar, hoewel deze een lagere grenswaarde heeft (210 mg/m3).

De verhouding P/grenswaarde, het relatieve inhalatierisico, is een goede parameter voor het onderling vergelijken van de risico's van oplosmiddelen. Realiseert u zich dat vooral bij overgieten de grootste concentraties oplosmiddel in de lucht ontstaan. Let wel op, in de grenswaarde wordt het brandrisico niet meegenomen.

De afkorting MAC-waarde wordt niet meer gebruikt, hiervoor is de term grenswaarde geïntroduceerd.

Naar boven

23. Mogen gevaarlijke stoffen in de zuurkast staan om te verdampen?

Nee, restjes van bijvoorbeeld chloroform, fenol of alcohol worden vaak in een zuurkast geplaatst om te verdampen. Echter, gevaarlijke stoffen moet u als zodanig afvoeren.

Lozing of uitstoot naar het milieu moet u zoveel mogelijk voorkomen. Bewust verdampen of wegspoelen van oplosmiddelen als er alternatieve afvoermogelijkheden zijn, is dus niet toegestaan.

Naar boven

24. Mag ik vloeibare stikstof transporteren in een personenlift?

Ja, als u zich houdt aan de volgende regels:

  • Vervoer geen grote hoeveelheid vloeibare stikstof in een lift waarin ook personen aanwezig zijn.
    Als regel wordt aangehouden dat hoeveelheden minder dan 1 liter toegestaan zijn.
  • Vervoer het vat stabiel.
  • Vervoer een grote hoeveelheid stikstof met 2 personen: de eerste persoon bedient de lift aan de buitenkant met een sleutelschakelaar en de tweede persoon ontvangt de lift met het vat stikstof op de daarvoor bestemde verdieping. In de lift mogen geen personen aanwezig zijn.
Naar boven
Terug naar overzicht

Om deze content te kunnen bekijken is de Adobe Flash plugin vereist.